Terug
×

Een korte stoppelbaard in 5 minuten

De korte stoppelbaard deed zijn intrede halverwege de jaren 80 van de vorige eeuw, dankzij mensen als George Michael en Don Johnson uit Miami Vice. Toen werd die nog de 'designerstoppel' genoemd en net zoals dansen in de film Footloose werd de baard door sommige bedrijven verboden omdat hij te ruig was. Waar volumineuze, gebleekte kapsels en korte glimmende shorts tot het verleden behoren, is deze baardstijl terug en hotter dan ooit.
"De stoppelbaard is een favoriet op de rode loper in Hollywood en brengt u een vleugje van de 'bad boy' look. Maar deze stijl vergt wel wat onderhoud. De korte stoppels van deze baard moeten elke dag onderhouden worden om dat 'net uit bed' gevoel te geven. Stoppels maken de onderste helft van uw gezicht wat smaller en lichten uw jukbeenderen uit. Mannen met een vierkant of hoekig gezicht kunnen hun gezichtsvorm nog meer benadrukken met deze speciale baardstijl. Kijk maar naar George Clooney, Jack Gyllenhaal en de stoppelmeester, House-acteur Hugh Laurie." *

De hedendaagse stoppelbaard is fris en goed onderhouden. Aan het begin hoeft u er weinig moeite voor te doen, omdat de eerste twee dagen erg gemakkelijk zijn. Vermijd het scheermes gewoon 48 uur (of één dag bij snelle haargroei) lang. Daarna maakt u een lage strook door langs de lijn waar de kin overgaat in de nek te scheren en al het haar daaronder weg te halen. Er is geen excuus voor een rommelige hals, dus houd het netjes, heren! En onthoud dat een goede schaduw sexy is, maar een vieze absoluut niet.

Gebruik een trimmer om de stoppels op een gelijke lengte te krijgen. Volg de randen van uw baard en kies een instelling die één stap korter is dan de vorige. Hierdoor zullen de randen natuurlijk overlopen en krijgt u de perfecte natuurlijke stoppelbaard.

Wilt u weten hoe u de perfecte stoppelbaard krijgt? Bekijk dan onze 'how-to'-pagina.
the-bearded-gentleman
* Met toestemming overgenomen uit het boek The Bearded Gentleman: The Style Guide to Shaving Face van Allan Peterkin en Nick Burns (Arsenal Pulp Press)